EBOH

1921: Eendracht Brengt Ons Hoger

Deze voetbalvereniging uit Dordrecht werd opgericht op 27 november 1921 onder de naam O.V.D. dat stond voor “Onder Vrienden Dordt”. Het eerste jaar werd er nog geen competitie gespeeld. De vereniging bestond voornamelijk uit kantoorbedienden van kleinere kantoren die niet groot genoeg waren om zelf een elftal op te richten.

In 1922 sloot de club zich aan bij de Dordtse Kantoor Voetbal Competitie. Meteen het eerste seizoen behaalde EBOH het kampioenschap. Nieuwe leden moesten door minstens twee leden worden voorgedragen aan het ballotagebestuur, waarna stemming plaats vond.

1922. O.V.D. Staand: Scheidsrechter Ad Schrijnen, J. v/d Linden, P. Vermaat jr, W. Drost, P.J. Ton, W. Louwman, D. v/d Linden, C. van Dijk, W. van Gijzen en J. Candel. Zittend: B. van Haren, P.H. v/d Hoek, J. Den Otter, H. Fok, A. Roost, A, Schuiling, C. de Graaf en daar achter A. Franken.

Aangezien er al een vereniging onder die naam stond ingeschreven bij de Dordtse Voetbalbond werd in 1924 de huidige naam E.B.O.H. gekozen (Eendracht Brengt Ons Hoger). De bedenker was Piet Ton. De club groeide gestaag en in 1922 werd er een tweede elftal opgericht. In 1924 waren er 36 leden. In 1928 kwam er het eerste juniorenelftal.

1929 EBOH

Een vereniging voor iedereen.

EBOH speelde haar eerste jaren aan de Jacob Catsstraat. Het was vanaf de beginjaren een ‘sociale vereniging’ met meerdere activiteiten dan alleen voetbal. Zo werd er in 1929 een ‘intieme feestavond’ georganiseerd en gingen de leden gezamenlijk schaatsen in ijsperiodes. In 1934 werd er een reisje naar Arnhem georganiseerd om het 12,5 jarig jubileum te vieren. Een jaar later werd er zelfs een voetbalreis naar Düsseldorf georganiseerd. Daarnaast werd EBOH tijdens de promotiewedstrijden tegen Strijen in 1936 vergezeld door publiek dat met drie touringcars was afgereisd. Ook werd er in 1938 een dansclub opgericht.

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is image-109-1024x911.png

Sinds 1932 speelt EBOH uit de volkswijk Krispijn op een terrein aan de Straatweg richting Breda. In 1935/1936 werd de club kampioen van de 2e klasse DVB, de Dordtse Voetbal Bond. In 1937/1938 opnieuw kampioen nu van de 1e klasse DVB. Dat bood de kans om over te stappen naar de landelijke KNVB.

In het seizoen 1938/1939 waren de Rood-Zwarten te sterk in de landelijke 4e klasse. Voorafgaand aan de 2e wereldoorlog werd door de KNVB een noodcompetitie. Ook in de rest van de bezettingsjaren werd er aangepast gespeeld. Dat betekende voor alle clubs dat er werd gespeeld in de eigen regio. Deels omdat jongemannen te werk werden gesteld in Duitsland, en deels omdat velen onderdoken zijn.

Van de vierde naar de eerste klasse.

Inmiddels wordt er in Dordtrecht niet alleen naar DFC of Emma gekeken ofschoon zij hoger spelen. Ook EBOH levert kwaliteitsspelers aan een samengesteld Dordts selectie. Deze vriendschappelijke ontmoeting voor eigen publiek op 17 april eindigde in een 4-3 overwinning. Doelpunten van Van Kooten, Brik en 2x invaller Brouwerhaven.

15 april 1948: Nieuwsblad v/h Noorden

In het seizoen 1940/1941 speelt EBOH in de derde klasse west en eindigt op de vierde plaats. Twee seizoenen draait de vereniging mee om de titel. Daarin moest worden gestreden met Fluks eveneens uit Dordrecht. De 3e klasse titel ging met een paar punten voorsprong naar deze plaatselijke rivaal. In het laatste jaar van de oorlog is er geen reguliere competitie gespeeld.

18 mei 1948: Het Vrije Volk.

In de periode 1947/1948 behaald de club onder leiding van trainer Richard Kohn een dik verdiende 3e klasse kampioenstitel. De ambitie om het allerhoogste te bereiken was in alle geledingen aanwezig. Als de resultaten van EBOH een opgaande lijn vertoont en daardoor meer publiek trekt komt wordt ook de accommodatie aangepast. De kampioenstitels volgen elkaar op in 1950/1951 en in 1951/1952 . In de nacompetitie gaat het echter telkens fout.

1953: Kan EBOH nu eindelijk de 1e klasse bereiken ?

In de competitie van 1952/1953 zijn het opnieuw twee Dordtse clubs die om de titel strijden. Nu is het EBOH dat Fluks nipt voorblijft en het 2e klasse kampioenschap mag vieren. De vraag zweeft boven het voetbalveld: Kan EBOH de ban breken en binnenstappen in de heilige graal ?

14 juni 1953: EBOH – Volendam 1-1. Arie Schoon passeert keeper Aaltje Keizer van Volendam. Achter Arie Schoon is Rein de Bruijn nog net zichtbaar met uiterst rechts Bas Hijbeek.
5 juli 1953: Huldiging na winst beslissingswedstrijd op Volendam

Na afloop van de reguliere competitie 1952/1953 spelen EBOH en Volendam twee wedstrijden om promotie naar de 1e klasse. Op 14 juni is de eerste ontmoeting op het sportpark aan de Oude Straatweg in Dordrecht die in 1-1 eindigt. Twee weken later is er de return in Volendam. Het is 5 juli en na de mening van de insiders speelt formatie hier de beste wedstrijd met het beste team ooit. Na een spannend duel weet EBOH door een doelpunt van Arie Schoon te promoveren naar de 1e klasse.

1953. Staand: R. Hegemans, W. Smid, H. Vermaat, J. Confurius en R. Fok. Zittend: F. Wouters , A. Schoon, C, Scheurwater, R. de Bruin, Joost Hoek en B. Hijbeek

1954: Het betaaldvoetbal avontuur kan beginnen.

De financiële situatie van EBOH is zo positief dat het bestuur de vraag stelt: Gaan wij de stap maken naar het betaalde voetbal ? Daarbij moest er nog wel worden voldaan aan een aantal KNVB voorwaarden. Zo moest de accommodatie volwaardig en veilig zijn en er moest 50.000 gulden borg in kas zijn. De onoverdekte tribune is echter niet meer voldoende als de club zich in 1953 plaatst voor de eerste klasse en het bestuur een proflicentie aanvraagt. Het terrein werd provisorisch en overhaast uitgebouwd met gehuurde noodtribunes. Met als gevolg dat in 1954 een open zittribune instortte, wonderwel zonder slachtoffers.

Seizoen 1953/1954. EBOH en Willem II strijden dat jaar boven in mee om het kampioenschap van één der vier 1e klassen. Herkenbaar is international Jan van Roessel in Willem II tenue die het de Dordtse verdediging moeilijk maakt
Eindstand competitie 1953/1954

Vier en zestig clubs met een KNVB licentie worden aan het begin van het betaald voetbal verdeeld over vier willekeurige 1e klassen ongeacht de sterkte. EBOH wordt in 1953/1954 ingedeeld in de afdeling D. De vraag is: Is er wel plaats voor drie clubs uit één gemeente? Het stadsbestuur van Dordrecht probeert te bemiddelen met een tussenoplossing. Ze wil de drie clubs aan tafel te krijgen om te komen tot een fusie. DFC, Emma en EBOH gaan wel in overleg maar het is DFC dat afhaakt. Er komt geen overeenstemming en alle drie slaan een eigen weg in. Zo ook EBOH gesteund door particulier geld van, Piet Vermaat van een drukkerij en zaadhandel. Het eerste seizoen is een historisch seizoen. EBOH treft in de 1e klasse C, onder meer Rapid JC, Alkmaar ’54, Vitesse, Feyenoord en PSV. Elke week waren er volle tribunes en er werd thuis veel gewonnen. Kortom een droomstart. De club kwalificeert zich met een derde stek voor de hoofdklasse.

In het seizoen 1954/1955 draait de Dordtse ploeg opnieuw bovenin mee. De eerste wedstrijd EBOH – PSV ging beide kanten op. Voor rust was EBOH sterker. Het doelpunt van Scheurwater was dan ook verdiend. Na rust kwam PSV op dreef. Door doelpunten van Coen Dillen en Fransen namen de Eindhovenaren een voorsprong. Uit een strafschop na een handsbal maakte EBOH via Bas Hijbeek gelijk. Einduitslag 2-2 met 7.000 toeschouwers.

23 mei 1955 EBOH – Feijenoord 1-0 De bal is in veilige handen van keeper Wim Broere, links kijken Jan Bens en Arie Hegemans toe. 
Volkskrant 24 januari 1955.

Een prachtige uitslag werd behaald op Feyenoord, beide keren met 1-0. De overige resultaten waren sterk wisselend. Het ene moment uit van Feijenoord winnen en dan weer thuis van Enschedese Boys die onderaan stond met 1-3 verliezen. In het algemeen is er bewondering voor EBOH dat uiteindelijk op een vijfde plek eindigt. Wat wel zorgen baart is de vrije val in de publieke belangstelling. Met een gemiddelde van 3000 toeschouwers is het zeer de vraag of het huishoudboekje sluitend blijft en of een stadje als Dordrecht niet te klein is.

18 september 1955. Ajax – EBOH 2-2 . Eén van de hoogtepunten dat seizoen en één van de twaalf gelijke spelen.

Na afloop van het seizoen waren de kaarten geschud en werd de voetbalcompetitie op sterkte/zwakte ingedeeld. In het seizoen 1955/1956 zit EBOH in de Hoofdklasse A. De aanhang was hoopvol en niet geheel onterecht. Het werd echter een deceptie voor alles en iedereen. Het competitieverloop is dramatisch want van de 34 wedstrijden worden er maar drie gewonnen en dus is de laatste plaats een hele grote schok.

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is EBOH-1956-_1.jpg

In 1956 realiseert EBOH door veel zelfredzaamheid het nieuwe hoofdterrein aan de Zuidendijk. Het is een bescheiden complex met in totaal ruim 8.000 plaatsen. Daarvan passen er 600 op de hoofdtribune.  Het grootste deel van de capaciteit bestaat uit onoverdekte staanplaatsen. 

1956/1957: Winst in de derby zou het jaar goed maken.

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is image-119.png

EBOH daalt af om in het seizoen 1956/1957 een verdieping lager te gaan spelen. Men kan op adem komen en zich in de 1e divisie hopelijk hernemen. In de 1e divisie gaat het voor EBOH echter nauwelijks beter. De cijfers zijn pijnlijk duidelijk en zelfs met een vergrootglas is er niets positiefs te melden. Ook niet over de derby tegen het gehate DFC want ook daar wordt tweemaal verloren. Voor de aanhang misschien nog het allerpijnlijkst. Door een zestiende plaats, zakt de club af naar de 2e divisie. EBOH haalt een gemiddelde van tweeduizend toeschouwers en dat is een te magere bezetting voor een profclub. Wanneer daarnaast ook sponsor Piet Vermaat zich terugtrekt, dan ziet het er somber uit.

1960: Rood-Zwart veert op.

1958/1959. EBOH Staand: Leider S.J. Wisman, Jan Schoon, Ries Fok, Arie Hegemans, Hennie Roelevink, Wietze Smid, Joop Schnebelie en trainer v/d Moert. Zittend: Dik van Gilst, Kees de Jager, Hans de Vos, Wim v/d Heuvel, Herman van Kooten en J. Abbema.

Maar zie daar in 1959/1960 is er een wederopstanding. Zeer verrassend weet de selectie zich terug te vechten naar een uiteindelijk gedeelde tweede plaats met Roda Sport. Er zal nu een promotiewedstrijd gespeeld moeten worden. Op neutraal terrein De Vliert in Den Bosch wordt er tegen Roda Sport uit Kerkrade met 2-1 gewonnen door twee doelpunten van Leen de Visser.

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is image-110.png
Leen de Visser.

Het chagrijn is weg, er kan weer worden gelachen en de supporters kijken weer vooruit, logisch na alle misère. Het is 1960/1961 en ondanks het uitblijven van transfers weet de club zich in de 1e divisie op het nippertje te handhaven. Het blijkt een stuiptrekking, EBOH voetbalt op haar laatste benen. Seizoen 1961/1962 zal een beproeving worden voor de spelers, supporters en uiteindelijk ook voor het bestuur. De selectie weet eenmaal te winnen, drie keer gelijk te spelen maar verliest dertig wedstrijden. Met 29 doelpunten voor en 131 tegen valt het doek. In het voorjaar van zondag 27 mei, verlaten 500 ‘echte’ supporters het sportterrein Zuidendijk. Ook deze laatste wedstrijd, tegen Hermes DVS wordt verloren. EBOH stond mede aan de basis van het betaald voetbal zoals het er nu bij staat. Op het laatste moment, wordt er nog een pijnlijk record behaald met een seizoen totaal van maar vijf punten. In het betaald voetbal is er tot op heden, door geen enkele club, met een zo minimale aantal punten in de competitie behaald.

1962: EBOH gaat terug naar de amateurs.

Na rijp beraadt besluit het EBOH bestuur om in 1962 te kiezen voor terugkeer naar de amateurs. De financiële prognose lieten de club geen andere keus. EBOH plaatste vervolgens alle profspelers collectief op de transferlijst. Een reeks van verenigingen gingen EBOH vooraf zoals: Brabantia (Eindhoven, 1955), TOP (Oss, 1957), Emma (Dordrecht, 1958), Oosterparkers (Groningen, 1959), DOSKO (Bergen op Zoom, 1959), Rigtersbleek (Enschede, 1961) en VV Helmond (1962). Ook de navolgende jaren zou er volop gesaneerd worden in het betaalde voetbal. Zo ook Oldenzaal (1963), Be Quick (Groningen, 1964), LONGA (Tilburg, 1965), ‘t Gooi 1965, Tubantia (Hengelo, 1967), FC Hilversum (1968) en Zwolsche Boys (Zwolle, 1969). Zij allen verlieten het betaald voetbal.

Clubicoon Jan Bens: De boksende voetballer

Jan Bens is een voetballer met een gemiddeld talent en heeft van 1947 tot 1955 voor EBOH gespeeld o.a. in de kampioensploeg van 1953. Hij had toen al een 14 jarige carrière bij Feijenoord achter zich waar hij wisselend bij de selectie zat. Jan Bens heeft naast het voetballen ook talent voor boksen. Hij traint bij de boksschool van Theo Huizenaar en werd kampioen van Zuid-Holland.

Jan Bens

Later word hij zowel boks als voetbaltrainer. Jan is een temperamentvolle sportman en leert zeker als bokser om emotie en conflicten onder controle te houden. Over het algemeen lukte hem dat redelijk maar een aantal incidenten haalde toch wel het nieuws. In december 1942 bijvoorbeeld liep FeyenoordAjax uit op een vechtpartij doordat Jan Bens op de vuist ging met Ajax keeper Gerrit Keizer die de bal wel heel treiterend lang vast hield. Scheidsrechter Karel van der Meer, had Feijenoord een penalty toegekend, maar greep niet in. Feyenoord aanvoerder Bas Paauwe nam wel zijn verantwoordelijkheid en stuurde medespeler Jan Bens van het veld. Jan had er begrip voor want hij kende zijn karakter. Hij is ook een charmante man, een aimabel mens, maar een paar keer per jaar sloeg hij op tilt en dat leverde vaak hilarische momenten op. Zijn vader exploiteerde het Rotterdamse buurtcafé De Sport en als er wat lastig volk was, en Bens junior was in de buurt dan wist hij de situatie wel klaren.

Als trainer van Cambuur brak hij het kunstgebit van een Wageningen-supporter toen zijn keeper Frans de Munck werd bedreigd. Wat later tijdens de wedstrijd VitesseCambuur sloeg hij middenvelder Bennie Hofs neer. Dit gebeurde nadat hij het veld was opgelopen om een geblesseerde speler te helpen en door Bennie werd tegen gehouden. Het Arnhemse publiek vloog over de hekken en de hele ploeg moest weg rennen. In Leeuwarden was Bens ook nog trainer van de profbokser Lolle van Houten. Tijdens de warming-up van Cambuur moesten we dan ook altijd schijn boksen. Voor onze trainer was dat een goede gelegenheid de discipline weer wat aan te trekken. Ik zie Hans Sigmond speler van Cambuur nóg knock-out gaan, nadat Jan Bens hem tijdens een training op een uppercut had getrakteerd. Jan Bens is een bijzonder mens, eerlijk, openhartig en spraakzaam. Hij heeft humor, is gevat en direct. Precies zoals je je een Rotterdammer voorstelt.

Jan Bens als trainer van Cambuur, vooraan in het midden.

Voetbaljournalist Johan Derksen en oud speler van Cambuur heeft ook ervaring met Jan Bens, en noemt hem een geweldige oefenmeester. “Toen ik net als jonge speler van het voetbalinternaat van Go-Ahead kwam dacht ik, in alle eigen wijsheid, Jan wat te kunnen vertellen. Hij heeft mij toen direct duidelijk gemaakt dat spelers het nooit voor het zeggen mogen krijgen. Want zodra de soldaten de baas worden, is de oorlog verloren. Jan is een echte sportliefhebber en een Feyenoorder in hart en nieren. Hij was een tevreden mens. ‘Als ik de pijp uitga, moet niemand aan mijn graf staan janken, want ik heb een prachtleven gehad. Ik was een voetballer, een trainer en meer niet. Ik ben een dankbaar mens en heb eigenlijk maar één wens. Ik wil nog één kampioenschap van Feyenoord meemaken aldus Jan Bens in gesprek met Johan Derksen.

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is image-118.png

Ooit verliet hij Feyenoord om met de toenmalige trainer Richard ‘Dombi’ Kohn naar EBOH over te stappen. Zoals veel spelers uit die tijd adoreerde hij Dombi. De zoon van Jan heet niet voor niets Richard. Een andere reden om naar EBOH te vertrekken was het feit dat hij bij Feyenoord zoet werd gehouden met een paar consumptiebonnen, terwijl er in Dordrecht ” onder de tafel” werd betaald.  Jan Bens is 91 jaar geworden en overleed op 12 mei 2012. Zijn wens om nog een keer een kampioenschap van Feijenoord mee te maken is niet in vervulling gegaan. Het kampioenschap van 2017

Icoon Richard( Dombi) Kohn: Imponerende trainers loopbaan.

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is image-122.png

Richard Kohn werd geboren op 27 februari 1888 in Wenen, en was als Oostenrijks trainer actief bij een aantal Nederlandse clubs. Hij dankt zijn faam in Nederland met name aan die eerste periode bij Feijenoord, toen de club tweemaal landskampioen werd. Daarna was hij ook bij EBOH met een viertal titels zeer succesvol. Richard was een bekwaam en sociaal bewogen coach, die volgens velen zijn tijd tactisch ver vooruit was.

Zijn Hongaarse bijnaam Dombi voor “kleine eminentie” kreeg hij bij MTK Boedapest uitkwam. Gedurende het grootste deel van zijn leven stond hij bekend als Richard Dombi. Als voetballer verdiende Dombi zijn sporen bij het Weense Wiener AC en het Hongaarse MTK Boedapest. Hij bracht het tot international, maar zou vooral furore maken als coach tijdens een carrière die hem onder andere naar Uruguay, Spanje en Duitsland voerde.

Kurt Landauer

Begin jaren dertig streek hij neer in Zuid-Duitsland, waar hij Bayern München in 1932 het eerste kampioenschap uit de clubgeschiedenis wist te bezorgen. Na de machtsovername begin 1933 door de Nationaalsocialisten, besloot de joodse Dombi Duitsland te verlaten. Via Spanje (FC Barcelona) en Zwitserland (FC Basel) ging hij per 1 juli 1935 aan de slag bij Feijenoord, dat over hem was getipt door bondstrainer Karel Lotsy.

Onder zijn leiding speelde de clubs verzorgd combinatievoetbal in de geest van de Midden-Europese school. Dombi stond vanaf 1947 voor de Dordtse formatie en werd bekend om de ‘mentale speeches’ waarmee hij zijn spelers voorafgaand aan de wedstrijd motiveerde en 100% inzet eiste. Het ging EBOH in die amateurtijd heel voorspoedig. Onder zijn leiding boekte de vereniging maar liefst vier kampioenschappen .

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is image-123.png

Helemaal legendarisch werd hij vanwege zijn enorme medische kennis, die hem de bijnaam De Wonderdokter opleverde. Een speler met kapotte knieën of gezwollen enkels ging naar Dombi en genezing was verzekerd. In 1936 bijvoorbeeld meldde Leen Vente van het Rotterdamse Neptunus zich bij Dombi met het verzoek zijn knie te onderzoeken. Leen Vente was sinds 1933 international maar was blessuregevoelig en hoopte zo op beterschap. Dombi stemde in, op voorwaarde dat Vente voor Feyenoord zou gaan spelen. Op 27 maart 1937 maakte deze speler namens Feyenoord het allereerste doelpunt in de gloednieuwe Kuip. Hiervoor gebruikte hij o.a. een zalf, waarvan niemand wist wat erin zat. Het enige wat de behandelde speler kon vertellen, was dat na een pijnlijke nacht het herstel optrad. De wonderzalf was met recht het geheim van Dombi – totdat sportgeschiedenis.nl het recept te pakken kreeg. Tot opluchting van Feyenoord keerde Dombi in de jaren vijftig terug na even te zijn weggeweest.

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is image-124.png
VV EBOH Sportcomplex Schenkeldijk 6 Dordrecht

Richard Kohn, die inmiddels de Nederlandse nationaliteit had verworven, overleed op 16 juni 1963 te Rotterdam. Hij, die gedurende zijn leven van teveel aandacht niets moest hebben, werd in alle stilte gecremeerd in een crematorium in Dieren. Namens Feijenoord voerde voorzitter Kieboom het woord. Hij memoreerde, dat Richard Kohn, geliefd was door zijn manier van werken, maar hij de overledene door diens menselijkheid de hoogste plaats geeft in de rij van trainers, die hij kent.’