AGOVV

Apeldoornse Geheel Onthouders Voetbalvereniging

Het gaat te ver om de bekendheid van AGOVV alleen te verbinden met de prachtige monumentale tribune op Berg en Bos. Echter als je nu na ruim honderd jaar de naam noemt van de vereniging dan is dat niet omdat de sportieve resultaten zo onvergetelijk zijn. Op 25 februari 1913 baren de leden van de plaatselijke geheelonthouders zangvereniging De Korenbloem opzien met het oprichten van een voetbalvereniging. De club krijgt de naam AGOVV wat de initialen zijn voor Apeldoorns Geheel Onthouders Voetbal Vereniging.

In melksalon ‘De vereniging’ aan de Apeldoornse Stationstraat propageerde men in die tijd dat gezelligheid ook zonder drank kan bestaan. In sommige socialistische kringen was alcohol nuttigen sowieso een taboe, maar ook de liberalen, rooms-katholieken en protestanten hadden hun eigen anti-drank beweging. Rond 1900 kwam er een algemeen, landelijk initiatief. De ‘Algemeene Nederlandsche Geheelonthouders Bond’, die samen met de Blauwe Knoop voor alcoholvrije koffiehuizen en cafés streed. Wellicht dat de blauwe clubkleuren daar een afgeleide van is.

1914/1918: Voetballen tijdens de Eerste Wereldoorlog

Als neutraal land houdt Nederland het oorlogsgeweld weliswaar buiten haar grenzen maar door mobilisatie worden er wel een half miljoen mannen onder de wapenen geroepen. Daaronder menig lid van de pas opgerichte AGOVV. Eerste elftalspeler Rein Nijman is één van die dappere ‘Blauwen’ die behalve de clubkleuren ook het vaderland verdedigt. Van de in Amersfoort gelegerde Nijman is bekend dat hij gedurende de mobilisatietijd veelvuldig op en neer fietst om met AGOVV te kunnen voetballen. Van de garnizoensplaats naar Berg en Bos is een afstand van meer dan 40 kilometer heen en meer dan 40 kilometer terug. In de nachtelijke uren van zaterdag op zondag begeeft de onvervalste karaktervoetballer zich al op weg richting Apeldoorn. Vaak vergezeld door club makkers Wim Coers en Bertus Buitenhuis. Na afloop van de wedstrijden keren Nijman en zijn kameraden linea recta weer terug naar de kazerne.

1925: De werkverschaffing levert een puike tribune op.

AGOVV bouwde in de eerste jaren van het bestaan al het sportpark Berg en Bos. Werkelozen werden in die tijd in Nederland vaak ingezet in de zo genoemde ‘werkverschaffing‘ , zo ook in Apeldoorn. Voor een schamele uitkering, moesten de arbeiders iets terug doen voor de samenleving. De belangstelling voor het voetbal groeide. De ‘drooglegging’ bij de club raakte uit beeld en bij het zondagse clubuitje mocht er weer gedronken worden.

Een affiche uit 1907. Werkverschaffing is het organiseren van projecten om werklozen een nuttige tijdsbesteding te geven. 

Zo krijgt in 1921 de verhuizing van het ‘Houtjesveld’ aan de Hoenderparkweg naar een nieuw aangelegd gemeentelijk sportpark gestalte. Vier jaar later maakt de gestaag groeiende publieke belangstelling de bouw van een heuse tribune noodzakelijk. Langs het hoofdveld van het AGOVV-terrein verrijst het markante houten bouwwerk, zoals we dat nu nog altijd in z’n volle glorie mogen bewonderen.

Licht in de duisternis van Berg en Bos

Op 13 november 1927 maakt de plaatselijke krant melding van de ingebruikname van vier hoge verlichtingspalen ‘waaraan lampen van grote lichtsterkte komen, zodat, naar technici verzekeren, het gehele speelterrein verlicht zal zijn’. Daarmee was AGOVV zijn tijd ver vooruit. De vroeg invallende duisternis maakt het voor de Engelse trainer Billy Julian nagenoeg onmogelijk, om zijn manschappen in de herfst tussen de hoge bomen onder handen te nemen. Vandaar dat het bestuur heeft besloten ‘het terrein te doen verlichten teneinde praktische trainingsoefeningen te kunnen houden’.

1927: Boven: grensr. Berend van de Kraats, Gep Landaal, Jo Kluin, Rein Nijman, Hannie van der Kraats, Jaap van der Kamp, scheidsrechter (?). Midden: Ety Landaal, Gerrit Willigenhof. Onder: Jan ten Katen, Jan Braams, Han de Graaf, Mais van de Kraats.

Na ongeslagen kampioen te zijn geworden in de tweede klasse en aansluitend in promotie duels af te rekenen met Rigtersbleek en Hengelo kon in 1927 de vlag in top.  Drie jaar later is sportpark Berg en Bos voor het eerst het toneel van een lichtwedstrijd. Een primeur in het oosten van Nederland. Tegenstander is Robur et Velocitas. Plaats van handeling van deze bijzondere derby is het derde veld, het trainingsveld. Liefst 2500 nieuwsgierigen verdringen zich langs de lijnen om het schimmenspel gade te slaan. Een tiental rondom het veld opgestelde, elk met 1000 kaarslampen uitgeruste armaturen, werpen een niet alledaags licht op het plaatselijke onderonsje. De scheidsrechter constateert naderhand meerdere tekortkomingen. Hij vindt de lichtsterkte te zwak en de cornerhoeken te donker. Ook beklaagt hij zich dat de spelers van beide ploegen zich meermaals hebben bezondigd aan zaken die het daglicht niet verdragen.

Clubicoon Jo Kluin: Het Oranje debuut.

Jo Kluin.

Joop Kluin is geboren op 13 mei 1904 te Apeldoorn dichtbij de Jachtlaan/ Zanderijweg. Daar waar ooit csv Apeldoorn hun velden hadden, begon Jopie met jongens in de buurt als jochie van 7 jaar te voetballen. Via een paadje langs de voormalige poetsdoekenfabriek Fapona liepen de buurtjongens naar een veldje waar Jopie al snel met de grotere jongens mee mocht voetballen. Dat was een geweldige leerschool, want je moest knokken onder het geweld van de grotere en oudere jongens. Het heeft Joop gemaakt tot een fysiek sterke speler, die sterk was in het duelleren.  Op 16-jarige leeftijd debuteerde Joop reeds in de hoofdmacht van de Blauwen. Joop ontwikkelde zich zo goed dat hij opgeroepen werd voor Jong Oranje, waar ook bekende spelers als Reinier Kreijermaat, en Hans Kraay sr deel van uit maakten. In het seizoen 1927/1928 speelde Joop, één jaar bij Scheveningen Holland Sport, waar hij een goed contract afsloot. Al snel keerde Joop terug op Berg & Bos. 

1 april 1928. Nederlands elftal : Harry Denis, Dolf van Kol, Pierre Massy, Wim Tap, Piet van Boxtel, Jaap Weber, Jo Kluin, Gejus van der Meulen Puck van Heel, Jaap van der Griend en Frits Schipper.

Op 1 April 1928, gaat er in Apeldoorn, extra aandacht uit naar de Derby der Lage Landen, België – Nederland. Want clubicoon Jo Kluin gaat debuteren voor Oranje. Het debuut van het ‘kanon van het Oosten’ is een primeur voor AGOVV want hij is de eerste ‘blauwe’ op dit hoge podium. De wedstrijd wordt gespeeld in het stadion de Bosuil van Royal FC Antwerp. Het is halverwege de wedstrijd wanneer het hekwerk voor een staantribune het begeeft.

Afbeeldingsresultaat voor jo kluin agovv

Onder luid gegil en hevig gekraak van de hekken komen honderden toeschouwers over elkaar naar beneden gerold. het ongeluk laat zich ernstig aan zien maar naar blijkt is er niet meer dan gebroken armen of benen. Het is een heftige wedstrijd op en naast het veld waardoor scheidsrechter Eugen Braun een afkoeling laat plaatsvinden. Debutant Jo Kluin wordt vroeg in de wedstrijd zó hard aangepakt dat hij een stevige hoofdwond oploopt.

1931. AGOVV met uiterst links staand: Gep Landaal daarnaast doelman J. van Baarle. Zittend: Jo Kluin met lederen bal.

De westelijk pers is keihard en vindt het debuut van Heracles speler Frits Schipper en Jo Kluin de slechtste 1 april grap ooit. De technische commissie is het daar kennelijk mee eens want nadien worden beide spelers niet meer opgeroepen. Jo speelde vele jaren op Berg & Bos tot een vervelende knieblessure een eind maakte aan zijn voetbalcarrière. Met Joop Kluin verloor AGOVV een oud 1e elftalspeler, die ooit als aanvaller begon, op het middenveld als stofzuiger rendeerde en als verdediger een slot op de deur was. Zijn niet aflatende ijver, beschikkend over een enorm loopvermogen, maakten hem een multifunctionele speler, waar menig tegenstander jaloers op was. Joop Kluin is op 14 april 1977 overleden te Apeldoorn.

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is AGOVV_Wageningen.jpg
20 november 1932. Een ingekleurde impressie van de Gelderse derby op Berg en Bos tussen AGOVV en Wageningen 1-2. 

Icoon Mauk Weber: 12 x oranje international

Bartholomeus Maurits Weber is welgeteld zeventien jaar, drie maanden en dertien dagen jong als hij op 14 juni 1931 in Denemarken zijn debuut maakt in het Nederlands elftal. Dit nota bene als speler van het tweede elftal van ADO. De geboren en getogen Hagenaar staat daarmee te boek als de op één na jongste Oranje debutant ooit.

15 juni 1931: De Limburger koerier.
Gerelateerde afbeelding
Mauk Weber

Overigens is HVV’er Jan van Breda Kolff de jongste debutant met zijn zeventien jaar en 74 dagen. Tussen 1931 en 1938 schopt Weber het namens ADO en AGOVV tot in totaal 27 interlands. Mauk staat bekend als een stoere maar faire rechtsback. Het is zoeken in de verslaggeving of er iets over de prestatie van Mauk staat vermeld. Het is 12 januari 1936 als Nederland in het Parc de Princes, Frankrijk ontmoet waar al jaren betaald wordt. Europees behoren ze tot de top maar daar is niets van te merken. Oranje boekt hier een opmerkelijke 1-6 overwinning een sensatie in de internationale voetbalwereld. Over Mauk opnieuw geen verslag of het moet de handsbal van hem zijn maar die is zonder gevolg gestopt door keeper Leo Halle. Bij nader inzien lezen we dat uit een voorzet van Mauk Weber de spits Bep Bakhuys zijn vierde goal maakt.

13 januari 1936: Het Limburgsch dagblad.
Frankrijk-Nederland 1-6 , 12 januari 1936. Staan 4e van links Mauk Weber: AGOVV international.

Zonder het aanhoudende blessurespook dat Mauk achtervolgt, hadden dat er beduidend meer kunnen zijn. Bij zijn laatste optreden voor de nationale ploeg op 23 oktober 1938, toevallig ook in Kopenhagen, telt de robuuste rechtsback pas 25 lentes. Over het waarom de op dat moment 15 voudig international in het najaar van 1934 ADO verruilt voor uitgerekend AGOVV zijn geen documenten bewaard gebleven. Duidelijk is wel dat dit niet in de eerste plaats voor de fraaie bosrijke omgeving van Apeldoorn zal zijn geweest. Profvoetbal geldt in het verzuilde Nederland van voor de Tweede Wereldoorlog weliswaar als een taboe, het is een publiek geheim dat onder of achter de toonbank verkapte vormen van betalingen plaatsvinden. Als sigarenboer of kastelein scoren de toenmalige vedetten volop. De begin twintiger middenstander Weber vormt daarop geen uitzondering.

1938: Thuis tegen Go Ahead heerst Mauk Weber samen met Anton Gabriel (voorgrond) in de lucht. Het zal voor Mauk één van zijn laatste optredens zijn op Berg en Bos.

1938: KNVB bekerfinale AGOVV-VSV.

Vlak voor de 2e wereldoorlog beleefde de AGOVV een hoogtepunt. In het seizoen 1937/1938 werd de bekerfinale gespeeld tegen VSV uit Velzen, een helaas een verloren finale maar toch.

13 juni 1938: Algemeen Handelsblad.

1940/1945: Voetballen tijdens de oorlogsjaren.

De Tweede Wereldoorlog werpt een donkere schaduw over het dagelijks leven in Nederland. Ook Apeldoorn zucht bijna vijf jaar lang onder de bezetting van de Duitsers. Het berust op een misvatting dat het verenigingsleven compleet stil komt te liggen gedurende de oorlog. Bizar genoeg blijft de bal, na de Duitse inval, tot ver in 1944 ‘gewoon’ rollen.
Met de Slag om Arnhem in september 1944 komt het oorlogsgeweld plotseling gevaarlijk dichtbij. Zuid-Nederland wordt bevrijd. De bewoners van de provincies boven de grote rivieren moeten daar nog bijna acht maanden op wachten. Eerst zal er nog de zware Hongerwinter komen alvorens de Duitsers definitief de wapens neerleggen. Zoals bekend hebben vele landgenoten de oorlog niet overleefd. Ook bij AGOVV zijn er oorlogsslachtoffers te melden. Op de website Het Voetbalmonument kan er op een eenvoudige wijze gekeken worden wie deze clubleden zijn. Op 17 april 1945 rijden de eerste geallieerde tanks Apeldoorn binnen.

1942: Eerste titel bij de 1e klasse van Oost-Nederland.

In het seizoen 1941/1942 kunnen de Blauwen hun eerste titel vieren. Voor 16.000 toeschouwers is een 1-1 gelijkspel in Deventer tegen het Nijmeegse Quick voldoende voor de Oostelijke 1e klasse titel. Met de titel op zak gaat de selectie met vier andere regiokampioenen zich opmaken voor de nacompetitie De strijd om de Nationale titel is in de laatste fase als op 1 juni 1942, AGOVV tegen ADO speelt in een alles beslissende wedstrijd. Een verslag uit de Dordrechtsche courant van maandag 2 juni:

Daarnaast zijn er Historische Polygoonbeelden van deze kampioenswedstrijd in het Zuiderpark.

1945. Nederland is bevrijd van de Duitse bezetter.

Op 8 mei, na de ondertekening van de capitulatie in hotel De Wereld in Wageningen, wordt er op Berg en Bos alweer gevoetbald. In een benefietduel, ten bate van de oorlogsslachtoffers, verslaat AGOVV een samengestelde Apeldoornse selectie met spelers van Robur, Columbia, Apeldoornse Boys, Alexandria, Albatross en Ratti (voorloper Victoria Boys) met 5-2.

Veluwsch dagblad

Drie maanden later staat Apeldoorn tijdens een grootse bevrijdingsmanifestatie stil bij de herwonnen vrijheid. In het weekend van 11 en 12 augustus 1945 vindt onder meer een optocht plaats van lokale verenigingen en instellingen. Onder aanvoering van vlaggendrager Jan de Boer loopt de jeugd van AGOVV voorop bij deze bijzondere happening.

Clubicoon Harmen Veenhuizen: Een betrouwbare sluitpost

Seizoen 1947/1948. Op z’n knieën en getooid met zonneklep ‘kijkt’ Harmen Veenhuizen de bal naast in een door AGOVV met 6-3 gewonnen wedstrijd tegen Wageningen.

Harmen Veenhuizen is geboren op 16 oktober 1921 te Apeldoorn. Met deze legendarische goalie onder de lat beleeft AGOVV in de jaren ’40 de grootste successen uit de clubgeschiedenis. Zowel in 1942 als 1949 verdedigt Veenhuizen het doel van ‘de Blauwe equipe’ die zich tot Oostelijk kampioen kroont en tot twee keer toe strandt in het zicht van de landstitel. Na in hem bijna een decennium lang een meer dan betrouwbare sluitpost van de hoofdmacht te hebben gehad neemt AGOVV in 1950 afscheid van de keeper. De medewerker van de Nederlandse Heide Maatschappij verhuist beroepshalve naar Breda. Bij de afscheidswedstrijd op Berg en Bos tegen NAC, zijn nieuwe club, benoemt het bestuur de vertrekkende keeper tot lid van verdienste.

Hoogst opmerkelijk is dat men, nota bene binnen de eigen vereniging, nooit de juiste voornaam van de doelman heeft geweten. Elke AGOVV’er kent hem al die jaren als Herman, terwijl hij bij de burgerlijke stand toch echt ingeschreven staat als Harmen.
Aan de lofzang die clubblad ‘Blauw en Wit’ bij zijn afscheid over Veenhuizen uitstort, verandert dit niets. Die woorden zijn oprecht en welgemeend: ‘Niet alleen dat Harmen een van de beste doelverdedigers is geweest, die AGOVV ooit heeft gehad, Harmen was ook een clublid die allen ten voorbeeld gesteld kon worden. Een bescheiden figuur, die nooit iets vroeg, maar alles gaf voor zijn club AGOVV’. Harmen is op 11 februari 2008 op 86 jarige leeftijd te Breda overleden.

1949: Tweede kampioenschap bij de Oostelijke 1e klasse.

7 maart 1949 Nieuwe Apeldoornsche courant: Helaas zijn de spelersnamen van de kampioenen niet of nauwelijks zichtbaar.

De spanning dat seizoen 1948/1949 is te snijden. AGOVV staat op zondag 6 maart 1949 nipt aan kop als de Apeldoornse selectie is uitgespeeld. Alleen concurrent SC Enschede kan bij winst nog langszij komen. Zij hebben nog een thuis wedstrijd op de rol staan tegen WVV Wageningen. Het werd nagelbijten want de Enschedeërs stonden in de tweede helft nog met 3-1 voor. Met een einduitslag van 3-3 kan AGOVV voor de tweede maal in haar 36e jarig bestaan een kampioenschap vieren.

De titel kwam niet onverwacht want de club speelde seizoenen lang, een belangrijke rol in de bovenste helft van de 1e klasse Oost. Het feest werd gevierd in Café Restaurant La Bordelaise aan de Hoofdstraat.

In de nacompetitie om het algeheel Nederlands kampioenschap moest de vereniging haar meerdere erkennen in het Schiedamse SVV. Tot aan de voorlaatste wedstrijd streed AGOVV mee maar verloor het thuis met 1-2 van BVV en het zicht op de landstitel.

1954: Betaald voetbal licentie voor AGOVV.

1956. Staand: Joop Kluin, Henk Kanselaar, Jan Vreugd, Theo Kruitbosch, Joop Niezen, Herman Dijkgraaf en Wim Jonker. Zittend: Sietze de Vries, Mais Hanskamp, Herman van Asselt en Bertus Wasmus.
1953-40-jarig-bestaan

In 1954 wordt in Nederland het semi-betaald voetbal ingevoerd. AGOVV sloot zich daar bij aan en dat betekende dat de spelers werden betaald voor het komen naar de training en wedstrijden. Het zwarte circuit werd wit. Voor spelers nog steeds geen vetpot maar een aardige bijverdienste naast de baan die men had. Eerste semi-profduel is op 27 november 1954 thuis tegen HVC. Voor 7.500 toeschouwers werd het 1-1 met een doelpunt van Beumer. Dat eerste seizoen eindigt AGOVV op de derde plaatst van onderen. Er werden vier wedstrijden gewonnen waaronder een 10-0 tegen DFC.

Hierboven een afbeelding in het seizoen 1955-1956 van AGOVV – RCH met doelman Van Breenen uitslag 3-0 voor een volgepakt en sfeervol Sportpark Berg en Bos. De Haarlemmers werden de latere kampioen van de 1e klasse maar krijgen voetballes met een eindstand van 3-0. RCH gaat naar de Eredivisie en AGOVV als derde plaatst zich voor de 1e Divisie. De jaren die volgen waren sportief gezien nogal wisselend. Het seizoen 1958-1959 gaat de geschiedenis in als AGOVV’s beste seizoen ooit in de eerste divisie. Achter kampioen Volendam en Leeuwarden eindigt Apeldoorns voetbaltrots als derde.

1958/1959. Staand: Drosterij, Joop Niezen, Vreugd, van Voorst, Houtveen en de Jong; gehurkt: Hanskamp, Kruitbosch, Kanselaar, Joop Kluin en de Vries. ESSO serie

Dichter bij de eredivisie zal AGOVV nooit meer komen. Het nestelt zich wel keurig in de middenmoot van de 1e divisie. De toeschouwers vervelen zich geen moment. Getuige de doelcijfers gebeurt er meer dan genoeg bij de 32 wedstrijden die de Blauwen spelen: 71 goals voor, maar ook 61 tegen.

Een aansprekend resultaat behaalt het team van trainer Ben Tap bij de latere kampioen van de eerste divisie B: Alkmaar ’54. Op de dag na Sinterklaas 1959  bezocht men Alkmaar en het werd 0-0. Een prestatie want na de rust krijgt AGOVV een fikse tegenslag te verwerken als Sietze de Vries geblesseerd raakt. In de 18e minuut van de tweede helft werd Sietze met een brancard naar de kleedkamer gedragen.
‘AGOVV bleef met ‘tien spelers’ in de Alkmaarse branding overeind’ zo luidt een krantenkop de volgende dag. ‘Met Kruitbosch en Maize als helden’, bleef AGOVV wonderwel overeind. 

Clubicoon Gep Landaal: Maatschappelijk succesvol.

Gep Landaal

Gerrit Johan (Gep) Landaal is op 2 december 1899 te Apeldoorn geboren. Hij speelde als middenvelder maar vooral als rechtsbuiten. Gep Landaal is een echte clubman en kwam zijn gehele loopbaan uit voor AGOVV. Gep was lang en snel met een mooie voorzet en een hard schot. In de jaren 1929/1930 wordt Landaal acht keer uitgenodigd voor het Nederlands elftal waarin hij tweemaal scoorde. Succesvol was Oranje in de tijd van Landaal echter niet. Van de acht wedstrijden werden er vijf verloren en drie gelijk gespeeld. Eigenlijk was het ongewoon voor de selectiecommissie om verder in het land te kijken naar kandidaten. Tot diep in de jaren twintig bestond het Nederlands elftal vooral uit voetballers uit het westen. De voetbalbond nam niet eens de moeite om naar de ‘provincie’ af te reizen. Het koste te veel tijd maar nog belangrijker, er werd neergekeken op wat men het ‘platteland’ noemde. De verandering kwam zo rond de jaren dertig en Nederland-Noorwegen van 3 november 1929 was in dat licht een omslag. Die dag bestond de vijfmans voorhoede voor de eerste keer uit louter ’provincialen’ en helaas, een succes was het niet. De Noren wonnen met een duidelijk 4-1 en vooral het binnentrio kreeg het ervan langs.

Boven: Trainer Bob Glendenning, Gep Landaal, Jan v d Broek, Sjaak de Bruin, Cor Kools, Gejus v d Meulen, Dolf v Kol. Onder: Huub de Leeuw, Puck v Heel, Koos v d Wildt, Manus v Loon en Evert v d Heijden. Olympisch Stadion 1929
1931. Gep Landaal

Ook rechtsbuiten Gep Landaal kreeg kritiek bij een deel van de pers. Een Amsterdams sportblad noemde Landaal en Van der Heijden ‘boerenkool voetballers’. Gep was bij Oranje de opvolger van Adje Gerritse van ‘t Gooi. In het najaar van 1930 moest Landaal plaatsmaken voor de veel kleinere en technisch betere Law Adam.
Landaal sluit zijn Nederlands elftal-loopbaan op 8 juni 1930 af in het stadion van Ferencváros in Boedapest. Het wordt liefst 6-2 voor de Magyaren. Het Blauwen-idool besluit zijn interlandcarrière in stijl. In de voorlaatste minuut scoort hij het tweede Nederlandse doelpunt. Wanneer Gep terug kijkt op zijn voetbalcarrière dan weet hij zich één bepaald doelpunt goed te herinneren. Hij werd eens door Quick Nijmegen als jong broekie, uitgenodigd om mee te gaan ‘on tour’ door Frankrijk. “In de afsluitende reeks van wedstrijden speelden we tegen Le Havre, de kampioen van Frankrijk. Het werd in de pers aangekondigd als Frankrijk- Nederland en de tribunes zaten vol. Bij de rust was het 0-0 ondanks de enorme druk van de faire Franse ploeg. Na opnieuw een goede Franse aanval zonder succes wist Maas de Hartog van Quick met een splijtende pass mij te bereiken. Vervolgens wist ik een stevige Le Havre verdediger te verschalken en de 0-1 winst binnen te schieten. Het Franse tumult op de tribune nam hectische vormen aan en was vooral gericht op de referee. Die gooide zijn fluit tegen de grond en onder politiebegeleiding verliet hij het veld. “Maar wij wonnen.” Aldus Gep Landaal die ook in het maatschappelijk leven succes heeft. Hij was in zijn AGOVV tijd directeur/eigenaar van de machinefabriek Landaal-De Schelde. Gep Landaal overleed op 5 maart 1979 in Utrecht.

Icoon Joop Niezen: Niet op zijn mondje gevallen.

Joop was een grote stevige doelman die door zijn imposante verschijning al op jonge leeftijd opviel. Hij is geboren In Den Haag op 18 september 1935. Reeds op 16-jarige leeftijd debuteert hij in het eerste elftal van Quick uit Den Haag. Tijdens zijn Quick-tijd werd hij geselecteerd voor de Uefa-jeugd (16-18 jaar). Na zijn dienst tijd, ten tijde van de Suez-crisis in 1956, speelde Joop vier seizoenen bij AGOVV. Een mooie carrière rolt zich voor hem uit maar het noodlot zet er een dikke streep door. Joop inmiddels doelman bij DHC breekt op 23 november zijn been in een wedstrijd tegen Elinkwijk . Hij moet een jaar lang revalideren en overziet in die tijd zijn toekomst. Zijn studie aan de sportacademie kan hij nu niet voortzetten en hij neemt een voor vele verrassend besluit. Na tien jaar semi-betaald voetbal stopt hij resoluut als actieve sporter. 

Afbeeldingsresultaat voor joop niezen journalist.

Joop Niezen bleef betrokken bij het voetbal, gooit zijn toekomst om en ontwikkeld zich tot een vooraanstaand journalist. Via presentator Herman Kuiphof komt hij vanaf 1964 in dienst als sportredacteur voor de VARA-radio, waar hij met steun van leermeester Wim Hoogendoorn verslaggever wordt. Joop herkend men aan zijn sonore stem met een tikje Haags accent, en zijn persoonlijke bijdrage aan het radioprogramma Marathon, de voorloper van Langs de Lijn. Joop stapt vervolgens over naar het blad Voetbal International als hoofdredacteur. In die tijd was Niezen één van de gezichtsbepalende sportjournalisten en erelid van de NSP, De Nederlandse sportpers. Deze staat van dienst is voor het bestuur van ADO kennelijk onvoldoende om Joop, die al lid vanaf 1945 is, een gegarandeerde persplaats toe te wijzen maar elders op de tribune. Dit steekt Joop: “Vanwege wat lichamelijke gebreken heb ik daar geen trek in. De perstribune kan ik bij ADO nog wel redelijk bereiken. Daar voel ik me thuis. Bovendien, met wat ik gedaan heb voor ADO, de NSP en als journalist voor Langs de Lijn, Voetbal International, Sport International en nog wat meer, zou ik toch levenslang een plaats op de perstribune bij ADO mogen claimen.” Joop Niezen heeft onder andere de woorden ‘Bondsbons en Bobo’ geïntroduceerd.

1965: Uit het Cambuurarchief.

Een benarde situatie voor het doel van Cambuur .

Op 21 februari 1965 speelt AGOVV een 2e divisie wedstrijd uit in Friesland tegen Cambuur Leeuwarden met een eindstand van 4-2. Op zich niet zo bijzonder ware het niet dat er in het archief van Cambuur beelden zijn met commentaar van Theo Reitsma.

In Apeldoorn wordt in de jaren ’60 dan wel betaald voetbal bedreven, maar eigenlijk mag dat nauwelijks naam hebben. Buitenaards is het allerminst. De hoogtijdagen van weleer lijken voorbij. De degradatie in 1962 naar de tweede divisie luidt feitelijk het begin van het einde in. De gedwongen stap omlaag zet de Blauwen in meerdere opzichten terug op aarde. Slechts incidenteel fleurt de plaatselijke voetballiefhebber op van de behaalde resultaten.

1961 : Trainer Jan de Bouter, Henk Kantelaar, Kees Nijdekker, Ben Snelders, Martin Proost, Wim Bakker, Freek Kraayen, Joop Hartjes, Jaap Vellekoop, Nico Temming en Sietze de Vries. Zittend: Doelman Joop Niezen.

Een gedenkwaardige wedstrijd aan het einde van het decennium is het bekertreffen met Feijenoord op 15 september 1968. In de eerste ronde van het seizoen 1968-1969 komen de Rotterdammers op volle oorlogssterkte naar Berg en Bos. De nummer vijftien van de tweede divisie, die de competitie aarzelend is begonnen met één overwinning en drie nederlagen, vormt zoals mag worden verwacht geen partij voor de lijstaanvoerder.

De 7.000 toeschouwers zien Wiegmink in de twintigste minuut een heldendaad verrichten door een strafschop van Henk Wery te keren. De AGOVV keeper houdt zijn doel nochtans niet schoon. Door doelpunten van Rinus Israel, Henk Wery, Willem van Hanegem en twee keer Wim Jansen freewheelen de gasten naar een 5-0 overwinning. Aanvallend heeft AGOVV niets tegen de ervaren Rotterdammers in te brengen. “Feijenoord-defensie trad nogal hard op” luidde een krantenkop. Bedoeld word het betonnen duo Rinus Israels en Theo Laseroms.

Willem ‘de kromme’ van Hanegem en Coen Moulijn combineren zich een weg.

1971: Terug naar de amateurs door een “foutje”.

Aan het einde seizoen 1970/1971 trok de KNVB een dikke vette streep door het betaalde voetbal. Vele clubs zo vond men in Zeist waren niet levensvatbaar. Een toeschouwersaantal van 2000 gemiddeld per jaar werd als de ondergrens genomen. Van de 51 clubs vielen er 12 af waaronder AGOVV. Bizar want op Berg en Bos lag het gemiddelde boven die grens. De club had echter een lager aantal opgegeven om de gemeentelijk vermakelijkheidsbelasting te ontlopen. De 2e divisie werd opgeheven.

Er is een protest demonstratie waarbij een paar duizend AGOVV-aanhangers de straat opgaan. Zij protesteerden voor behoud van betaald voetbal in Apeldoorn. Dit is het ultieme bewijs dat het wel en wee van de Blauwen de voetballiefhebbers ter plaatse alles behalve onberoerd laat. Op zaterdag 27 februari 1971 trekt een zes- tot zeven duizend koppige menigte naar het Raadhuisplein.

De actievoerders bieden toenmalig burgemeester Loek des Tombe een door 20.000 Apeldoorners ondertekende petitie aan. Blikvanger is de door Gerrit Kerssen in elkaar getimmerde doodskist met de tekst ” Is dit ons lot ?” waarbij de dragers zwarte rouwbanden om de arm droegen. Het voor Apeldoorns begrip ongekende steunbetuiging kan uitstel van executie helaas niet voorkomen. Korte film uit 1971 van Carol Hessels

Afbeeldingsresultaat voor AGOVV

Het Apeldoornse AGOVV clublied leeft nog immer voort maar nu in de derde klasse KNVB.