BVV Den Bosch

  BVV een club van arbeiders

BVV in de club kleuren zwart/rood, is een arbeidersclub die op 8 oktober 1906 opgericht werd door sigarenmakers Gijs van Leur en Jan Hootsmans, onder de naam NOAD. Elf jaar later wordt de naam veranderd in BVV, om verwarring met het Tilburgse NOAD, dat in dezelfde klasse uitkwam, te voorkomen. BVV speelde net als de elitaire roomsche stadsgenoot RKVV Wilhelmina in de buurgemeente Vught. Hoe vreemd, want beide waren echte Bossche verenigingen. BVV speelt op Heidelust aan de Kampdijklaan op een complex van velden, goed voor een ontvangst van 10.000 toeschouwers. De club nam in diezelfde jaren twintig de terreinen van Wilhelmina op Heidelust over. Dat terrein is bekend gebleven dankzij café Heidelust. Voor velen die in de jaren zestig een rijexamen hebben afgelegd is het in hun herinnering blijven bestaan.  Beiden Bossche clubs leefden in pais en vree, op enkele honderden meters van elkaar, maar waren ook elkaars rivalen.

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is image-12.png
BVV elftal in 1916 met 1 t/m 11 Frans Kops, Janus Broeren ofwel ’t Kanon, Hendrik Verkaart, De Snoek Van Liempt, Piet van der Sluijs, Toontje Hoek, Piet van Lent, Bartje Meeuwissen, Louis van Rooy ofwel ,De Wiets’, Ventje Fleuren en Toon van Beek.

BVV ontwikkelde zich, vlak na de oorlog, tot een grote club. Hoogtepunten van de club waren in 1946/47 toen de club kampioen en een seizoen later landskampioen werd onder leiding van de Schot Charles Jackson.  In optocht trokken de spelers gezeten op een platte wagen via de Vughterstraat de stad binnen. Bij hun rondje over de Markt, waar luidsspeakers hingen om de wedstrijd tegen EDO Haarlem te volgen, werden zij toegejuicht door honderden Bosschenaren. Het was feest in de stad. De spelers ontvingen als cadeau een paar voetbalschoenen of een fiets.

Het voormalige sportpark Heidelust waar BVV in 1948 zelfs landskampioen werden.

Hierbij een filmisch overzicht van BVV met dank aan de makers van het “gedenkboek ter gelegenheid van het 40-jarig bestaan van de Bossche voetbal- en athletiek-vereniging B.V.V.” Muziek: “Zo tussen de mensen” van Wim Kersten.

Het kampioensjaar 1948 BVV-SV &AV Juliana (1-2); Staande v.l.n.r. Jackson (trainer), Cor Huybregts, Piet van der Sluys, Dre Saris, Jan Remmers, Kees Krijgh, onbekend, Thijs Sluyters, van Buel secretaris). Zittend v.l.n.r. Zwanenberg, Piet van Overbeek, Langenberg, Dorus Donhuyzen, Toon van Beek

Radio programma “Langs de Lijn “

De successen van BVV zorgde voor een enorme toeloop van toeschouwers. Op zondagmiddag was het een lange stoet van voornamelijk sigaren rokende mannen met gleufhoed en lange jassen vanuit Den Bosch naar het sportveld. De sigarenwinkelier uit de buurt had inmiddels om half vijf het radioprogramma ‘Langs de lijn’ beluisterd voor de uitslagen van de gespeelde wedstrijden uit de KNVB competitie. Hij schreef deze op en prikte op een planbord de eindstanden in de etalage. De supporters liepen meestal op de terug weg even langs bij de sigarenboer om daar kijken wat de concurrentie had gedaan en om te discussiëren over de wedstrijd. Een ritueel die in heel Nederland op zondag gewoon was voor de voetballiefhebber. Natuurlijk hoopte de winkelier zijn klanten hiermee te kunnen binden.

In Haarlem gaan de spelers op de schouders na de wedstrijd EDO-BVV 1-1. Kampioen in 1948.

 Een droom komt uit: BVV in de eredivisie

Door de populariteit van BVV was een nieuw stadion zeer gewenst. Na vele jaren net buiten de stadsgrens te hebben gespeeld opende men op 8 september 1951 het stadion De Vliert dat ook uitgerust was voor ander sporten zoals een atletiekbaan waar Fanny Blankers Koen o.a. haar sprint benen strekte. De baan deed in de jaren zestig ook dienst als autocrossbaan. 

BVV 1951. Boven: Taks, Utermarkt,Huybregts, Jansen Saris en Remmers. Onder: Van Overbeek, Van Beurden, Krijgh, Quaadvliet en Heymans.

In 1954 zetten de besturen van BVV en Wilhelmina de eerste stap in het betaald voetbal. BVV startte in de 1e Klasse en via promotie bereikte men de Hoofdklasse waarna in het seizoen 1956-1957 de Eredivisie werd bereikt. In het eerste seizoen van de Eredivisie bestond de competitie uit de volgende 18 clubs: Ajax, Amsterdam, BVV, DOS, Eindhoven, Elinkwijk, sc Enschede, Feyenoord, Fortuna ’54, GVAV, MVV, NAC, NOAD, PSV, Rapid JC, Sparta, VVV en Willem II.  Een hoogte punt in de historie van BVV.

Weekblad de Revue: poster 1959 BVV uit Den Bosch

Opnieuw kwamen de fusieplannen tussen Wilhelmina en BVV weer ter tafel. Men voorvoelde dat twee profclubs er wellicht één teveel zou zijn voor de stad Den Bosch. De eigenheid van beide clubs liet zich op zulke moment van overleg sterk voelen. Het gevoel voor zelfstandigheid bleek toch sterker dan het verstand en het fusieonderwerp tussen de Bossche clubs werd uitgesteld tot 1965.

Te late eerherstel voor doelman Wim Landman.

Het is de 26e mei 1956 als via een beslissingswedstrijd tegen SHS die met 1-5 wordt gewonnen. BVV plaatst zich voor de Eredivisie waarna er volop wordt gefeest maar na later blijkt met een slechte afdronk. De keeper van SHS, international Wim Landman, werd er van beschuldigd zich te hebben laten omkopen. De betrokken doelman en verschillende bestuursleden van BVV worden langdurig geschorst en de clubnaam besmeurd. Uit nieuw onderzoek in 2015, blijk dat het een viertal BVV supporters waren die achter de omkoping zaten. Wim Landman en de BVV-secretaris werden gerehabiliteerd. Deze conclusie kwam echter te laat voor Wim Landman. Hij die fenomenale keeper, weggehoond en zwart gemaakt ging door een mentale klap onderuit en werd zwaar depressief. Het leven had voor hem geen zin meer. Er restte hem uiteindelijk niets anders dan een zelfgekozen levenseinde. Quote uit het boek: ‘Het drama Wim Landman’ van sportjournalist Jan D. Swart “Op een zomerse vroege vrijdagochtend in 1975 neemt Wim Landman, de oud-doelman van RVV Neptunus (Sparta, SHS en het Nederlands elftal) een afschrikwekkend besluit, dat hij een paar seconden later niet meer kan navertellen. Het is 27 juni 1975. Hij stapt omstreeks 7.00 uur ’s morgens in zijn auto, rijdt richting Bleiswijk en zegt het leven bij een spoorbaan vaarwel”.

  Zwart/Rood BVV kleurt Oranje

De Eredivisie is een mooie ervaring, met volle stadions tegen de top van Nederland en klinkende kassa voor de lokale middenstand. Helaas bleek de BVV selectie niet bestand tegen de Nederlandse top en kwam het in een vrije val.

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is Max-BVV.png

Na twee seizoenen degradeert de vereniging via de 1e naar de 2e Divisie. De herinnering aan die bloeiende tijd wordt nog altijd gekoesterd en is in het archief met inkt geschreven. De spelers kwaliteiten zijn in de afgelopen jaren niet onopgemerkt gebleven voor de KNVB keuze commissie. In de historie van het Nederlands voetbalelftal hebben in totaal zes spelers van BVV gespeeld in het Nederlands elftal. Recordinternational is Max van Beurden. Max zou tussen 1953 en 1954 in totaal vijf interlands spelen. Hij is de enige die een doelpunt scoort. De andere internationals namens Nederland zijn Cor HuijbregtsPiet van der SluijsPiet van Overbeek en Dré Saris.

Kees Krijgh

Op 26 juli 1948 was het Kees Krijgh, die al
vijftien jaar aan een stuk in het eerste van BVV speelde die mocht debuteren. De stad stond op zijn kop. Kees ging naar de Olympische spelen van 1948 . Hij kon tegen Ierland meteen aan de bak, als vervanger van de gepasseerde Joop Stoffelen. De Bosschenaar moest rechtshalf spelen en niet stopperspil, zijn eigenlijke stiel. Hij was klein, veel te klein voor een topvoetballer, zou je zeggen maar compenseerde dat met een goed spel inzicht en deed dat zodanig dat hij, in 1950, nog een keer werd uitgenodigd nu tegen België. Na iets minder dan een half uur kwam hij in het veld voor Rinus Terlouw. Het was 0-0, nauwelijks een uur later was het 7-2, onder meer omdat zijn tegenstander midvoor Jef Mermans die twee goals maakte. Kees was nogal cynisch na afloop. ‘Geen best debuut van mij als spil. Ik wist nog nauwelijks waar ik stond en hoe ik stond, of de Belgen hadden er al drie in liggen.’

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is Dré-Saris-833x1024.jpg
Dré in zijn speciaal gebreide Oranje Olympische trui.

Een ander Bosschenaar die werd geselecteerd voor Oranje was Dre Saris, de keeper. Hij debuteerde tijdens de 2e wedstrijd die Oranje afwerkte in de Scandinavië-toer. Frans de Munck, keepte tegen Denemarken niet klemvast, daarom kreeg Saris tegen de Finnen de kans en hij deed het goed. Een journalist: ‘laatste man Terlouw voelde zich heel zeker wetende dat hij op onze debuterende doelman Saris vertrouwen ko0n. De pers schreef over Dre Saris. ’Het zal velen stellig genoegen hebben gedaan, dat de sympathieke en altijd goede BVV-doelman zijn kans ook eens heeft gekregen.

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is Dré-Saris-1.png
Doelman Dré Saris

‘Dré Saris heeft goed gespeeld en door moedig werk enkele fouten van zijn verdedigers weet te neutraliseren. Een goed debuut dus, maar als Piet Kraak van Stormvogels genezen is, blijft hij toch onze man.’ Zo ging het ook. De kleine sigarenmaker bleef nog wel vele jaren in het doel staan bij BVV. Hij vormde met stopperspil Kees Krijgh en rechtshalf Jan Remmers een legendarisch club trio.

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is 2019-01-04-14.48.43-834x1024.jpg

Op 11 december 1949 mocht Piet van der Sluijs in het Olympisch Stadion zijn eerst Oranje shirt aantrekken. Extra speciaal, want het gebeurde in een jubileumwedstrijd tegen Denemarken. De KNVB vierde haar 60 jarig bestaan en dus waren de tribunes tot de nok gevuld met 60.000 toeschouwers. De verwachtingen waren groot evenals de teleurstelling. Het was een slechte de wedstrijd die met 0-1 werd verloren door een opvallend gebrek aan technisch handelen, een te laag tempo en een stopperspil systeem die niet werkte. Alle spelers werden langs de meetlat gelegd in een dagboek bijgehouden door oefenmeester Jaap van der Leck. Piet van der Sluijs werd als volgt beschreven: Zijn ingrijpen door snel inkomen viel te loven. Hij heeft het grote voordeel bekend te zijn in het stopperspil systeem en heeft daarvoor het juiste inzicht. Toch kwam hij vaak in grote moeilijkheden doordat de snelle rechtsbinnen van de Denen zich vaak vrij wist te spelen. Zijn herstel was vervolgens niet snel genoeg, aldus: De trainer. Dit klinkt als een zesje.

  De Zwart/Rode clubvlag wordt gestreken

In augustus 1965 wordt de handdoek in de ring geworpen: BVV speelt de thuiswedstrijden in een steeds leger “De Vliert” en kan het financieel niet meer bolwerken. De club laat zich saneren, waarbij de professionele tak opgaat in de Stichting FC Den Bosch en BVV terug gaat naar de amateurs. Hoe fijn is het als in nieuwe seizoen de club niet zomaar een grijze muis is in het betaald voetbal want met slechts één nederlaag in achtentwintig wedstrijden werd het kampioenschap behaald in de tweede divisie, waardoor de club direct promoveerde naar de 1e divisie. Wilhelmina de stadgenoot en rivaal besloot zich uiteindelijk aan te sluiten bij de Stichting FC Den Bosch/BVV. De fusie was in alles een goede keuze, het voetbal leefde verder op in ‘s-Hertogenbosch. Met een nieuwe naam ,FC Den Bosch ’67, kon de selectie prima meedraaien en groeide snel uit tot een vaste waarde in de eerste divisie. In het seizoen 1970/’71 droomden veel Bossche voetbalfans 23 jaar na de landstitel weer van nieuwe topsuccessen, want de club maakte een magisch seizoen door.

In 1971 pakte FC Den Bosch één van de eerste prijzen in de historie. O.l.v. trainer Jan Remmers (staand links) werd FC Den Bosch kampioen van de 1e divisie.

Er werden slechts twee wedstrijden verloren, het publiek kwam massaal naar de thuiswedstrijden (gemiddeld 10.150) en ver voor het einde van de competitie stond promotie naar de Eredivisie vast. Er was echter één maar het gebeurde met een elftal die al redelijk op leeftijd is zeker voor de Eredivisie waar de intensiteit groot is.

Oorwassing voor FC Den Bosch want in 1972 komt Ajax langs en vertrekt met een 0-9 score. Niet vreemd want Ajax zat in een flow en won internationaal tot drie maal de Europacup.

Het elftal waarin zes dragende spelers allemaal ouder dan 33 jaar zijn vertoonde ouderdomsrimpels en de vrees dat het eredivisieavontuur van korte duur zou zijn werd realiteit. Ook oud BVV speler en succes trainer Jan Remmers kon het tij niet keren. Nadat in het eerste seizoen degradatie nog net ontlopen kon worden (zestiende plaats), eindigde FC Den Bosch in het tweede seizoen troosteloos onderaan.

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is image-15.png