DOS

De Kanaries uit Oudwijk

De Oudwijkerlaan in Utrecht Oost is in 1900 de plaats voor een aantal jongens om te ravotten en te voetballen. Hier ontstond het idee voor een sportclub, de Utrechtse Athletiek en Voetbalvereniging DOS (Door Oefening Sterk). Officiële oprichtingsdatum: 23 maart 1901.

v.l.n.r. W.Gille, A v.d. Brink, H.v. Dijk, J. Genissen, H. Hordijk, G. Galiard, A. Hordijk, G. Zieleman, , A.v. Dijk, N. Rommers, G. v.d. Berg en D. Peeterse. DOS 1902

De gele shirts waarvoor wordt gekozen geven de vereniging spoedig de bijnaam ‘de Kanaries’. Als speelterrein word gekozen voor een gedeelte van het Wilhelminapark bij de Prinsenstraat.

Hier bevond zich een grote kuil begroeid met gras, waarbij de rand van de kuil deed dienst als kalklijn. De bal werd later gekocht bij de portier van het oude sportterrein in het Oosten waar indertijd Hercules (1882) speelde. Er werd nog niet in bondsverband gespeeld dus moest men een tegenstander opzoeken en een match ‘aanvragen’. Eén van de eerste wedstrijden was een match tegen Achilles in Zeist en Prinses Wilhelmina (U). Al spoedig kwamen er meer clubjes zoals Victoria (U), Minerva, Velox en Velocitas. In 1908, na een nek aan nek race met UVV II en Quick II, won DOS de beslissingswedstrijd met 1-0 van UVV II en promoveerde naar de 3e klasse in de Nederlandse Voetbal Bond. Na een aantal seizoenen lukte het om in 1920/21 naar de 2e klasse te promoveren , maar daarna vielen de prestaties wat tegen. Toch keken de gemeente Utrecht en clubs positief naar de sportieve ontwikkeling en lanceerde een plan voor een Sportpark/Stadion.

Van Galghenwert naar Galgenwaard

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is image-61.png

Aan de oostkant van de stad lag Galghenwert een naam met een gruwelijke historie. Het was de plaats net buiten Utrecht waar, tot ongeveer het jaar 1600, gestraften werden opgehangen. Dit word de plaats waar het 1e Galgenwaard stadion gebouwd is op 21 mei 1936, en feestelijk geopend. Er werd niet alleen gevoetbald, maar ook atletiek,wielrennen en windhondenwedstrijden.. Het stadion bied plek aan 10.000 toeschouwers. Het is de thuisbasis voor de voetbalclubs Hercules en DOS. Daar waar Ben van Leur naam en faam zou krijgen. Nu kent ieder oudere supporter, deze speler want hij scoorde in alle belangrijke wedstrijden het beslissende doelpunt wat DOS, via 1929, 1933, en in 1939, uiteindelijk in de 1e klasse bracht.

Ontstaan: 1e Galgenwaard stadion 1936

Een filmische impressie van de historie van Galgenwaard. De stadiongeschiedenis van de Galgenwaard gaat terug tot 1936. De crisis waarin Nederland dan verkeert, heeft zijn hoogtepunt bereikt. Om de werkloosheid het hoofd te bieden worden in heel Nederland werkgelegenheidsprojecten gestart. Zo ook in Utrecht waar in het buitengebied Galghenwert een nieuw stadion wordt gebouwd. Stadion Galgenwaard zoals het complex bij de opening heet, is opgetrokken in de stijl van die tijd. Dat wil zeggen: een eretribune, betonnen staantribunes rondom en een voetbalveld dat wordt omringd door zowel een atletiekbaan als een wielerbaan. De Utrechtse voetbalclubs DOS, Hercules en Velox nemen hun intrek en zorgen ervoor dat er elke week wel wordt gevoetbald in de Galgenwaard. Als het betaald voetbal zijn intrede doet in 1954, tekent zich een scheiding af. DOS en Velox gaan betaald terwijl Hercules dat liever blijft liefhebben, vertrekt. De overgang naar het betaalde voetbal pakt in eerste instantie goed uit voor DOS dat een paar jaar later voor de eerste en enige keer in zijn bestaan landskampioen wordt. Het blijkt het hoogtepunt van de club die de jaren daarop -net als Velox- veroordeeld raakt tot een bijrol. Dat blijft zo tot 1970. Dan fuseren Elinkwijk, DOS en Velox tot FC Utrecht dat in de Galgenwaard blijft spelen.

Piet Dumortier: Een veel te kort leven.

Geboren op 8 november 1915 te Utrecht, is een complete speler, tweebenig, heeft sprongkracht, is spelverdeler en afmaker. Piet was geen duurloper maar liet de bal het werk doen. Oefenmeester van DOS Chris Roelofs was erg gecharmeerd van dit roodharige joch ook om zijn mentaliteit en hij laat Piet op zijn 15e debuteren.

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is image-73.png
Piet in een kopduel met twee spelers van Vriendenschaar, en de keeper pareert zijn kopbal

Op 23 oktober 1938 debuteert Piet in Oranje tegen Denemarken. Van de arbeidersclub DOS worden twee debutanten voor de wedstrijd tegen Denemarken gekozen: rechtsbuiten Gerard van Leur en midvoor Piet Dumortier.

Van Leur had zijn eerste interlandgoal al na een minuut te pakken, maar nadien kwam hij nauwelijks nog in het spel voor. En ook Piet Dumortier kwam niet in de buurt van zijn gemiddelde vorm bij DOS.

Sportverslaggever Herman Kuiphof noemt de lange slungelachtige en rossige aanvaller een technisch vaardige midvoor met spelinzicht. De kans op een herhaling is echter klein want de concurrentie is groot. Bep Bakhuijs en Wim Lagendaal waren toen de toppers met ervaring en er was door de tweede wereldoorlog een interland stop.

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is image-70.png

De gezondheid van Piet was wankel. Hij had een vergrote schildklier en leed aan struma en omdat te camoufleren droeg hij een shawl om zijn hals. Toch zegt hij in een interview:  “In ben nu 28 maar ik voel me achttien hoor!” Elke morgen doe ik ochtendgymnastiek. Een paar avonden in de week oefen ik de jeugd en zomers speel ik honkbal. “Kijk ik ben geen benenspeler maar een hersenvoetballer. Een goeie voetballer die zijn hersens kan gebruiken is veel meer waard dan een hardloper in het veld. Je moet goochem zijn en het spel zien. Ik oog misschien sloom maar dat komt ook door mijn lengte met die lange passen. Als midvoor moet je wel een snelle reactie hebben.” aldus Piet Dumortier.

Die wordt omschreven als bescheiden persoon, optimistisch zonder babbels. We zitten in de amateur tijd in Nederland hoewel er in Frankrijk, Engeland en Italië,  al een fullprof competitie is. Niet hier in Nederland, dus moest er natuurlijk brood op de plank komen en zo werkte Piet bij een verzekeringsmaatschappij en haalde hij geld op voor een begrafenisfonds. Ook wel de ‘kwartjesopnemer’ genoemd. Het DOS bestuur zorgde enige tijd later voor een sigarenzaak aan de Catharijnesingel voor Piet.

Boven : G v Leur, D v Beek, J.G. v d Brink, P Dumortier, Th v Zijl, F v d Valk, Onder: D Peeterse, K Siebes, P v Baggem, T J v Leeuwen en H Meeuwsen. DOS 1941

In het seizoen 1944/45 werd er geen competitie gespeeld. De situatie in Nederland was erbarmelijk, de bevolking leed honger en razzia’s bepalen de sfeer. De zwakke gezondheid van Piet lijdt er onder en een paar weken voor de bevrijding krijgt hij difterie. Piet Dumortier wordt in het Academisch Ziekenhuis Utrecht opgenomen. De doctoren leggen hem in een ‘ijzeren long ’ want op eigen kracht kan Piet niet ademen.

Op 5 april is er een bomalarm die een elektriciteit storing veroorzaakt. De ‘ijzeren long’  valt uit en Piet Dumortier komt te overlijden. De dood van Piet veroorzaakt een enorme schok in Utrecht en ver daarbuiten. Op de weg naar de begraafplaats, langs de route, staat het zwart van de mensen. Van De Catharijnesingel, het Ledig Erf, via de Bokstraat tot aan de begraafplaats ‘Tolsteeg’ stonden rijen dik de mensen te treuren om de dood van ‘hun Rooie Piet ‘. Een maand later is er de bevrijding op 5 mei 1945. Het werd uitbundig gevierd in Nederland maar voor velen zoals de , familie, vrienden en supporters van Piet Dumortier, één met een dikke grauwsluier.

DOS krijgt het ‘Heen & Weer ‘

Terug naar 1939 waarin DOS naar de 1e klasse promoveert na een beslissingswedstrijd tegen het Amsterdamse DWV, die met 2-1 gewonnen werd, rechts het doelpunt van Piet Dumortier. DOS was een hechte club van Utrechtse jochies , jongens van de opgestroopte mouwen, vrienden vaak en soms ook familie. DOS zakt tijdens de aangepaste competitie gedurende de oorlog weer naar een lagere klasse. Het werd een heen en weer situatie want in mei 1944 reizen duizenden Utrechters naar Oostzaan waar de Kanaries  de terugkeer naar de eerste klasse dankzij een 5-0 overwinning veilig stellen. Meeuwsen, Gerard van Leur (2 strafschoppen)  en Piet Dumortier zorgen voor de doelpunten. De return is op 14 mei een formaliteit. OSV wordt met 2-1 verslagen. Piet Dumortier maakt 7 minuten voor het einde de winnende goal. Zijn laatste doelpunt ooit.

Het hoogte punt in de historie van ‘de Kanaries’.

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is image-64.png

In 1955 werd DOS de eerste vereniging uit Utrecht die betaald voetbal speelde, en maakte Luc Flad het eerste ‘betaalde’ doelpunt. Het  grootste succes behaalde DOS in seizoen 1957/1958 toen het landskampioen werd, met internationals Frans de Munck,Louis van der Bogert, Hans Kraaij en Cor Luiten.

Boven: A.Nachtegaal, F de Munck, H. Temming, L v d Bogert, A. Kraay, J.A Westphaal. Onder: W. Visser, G. Krommert, D. Lammers, A v.d. Linden, C. Luiten

Herman van Veen: Bij geboorte al een ‘Kanarie’

Theatermaker Herman van Veen geboren op 14 maart 1945, was al lid bij de eerste poepluier, automatisch lid werd hij, door zijn vader, want, nagenoeg de hele Kievitdwarsstraat, waar hij opgroeide was supporter. ,,Er zaten ook wat Elinkwijkers, maar dat was meer iets van de Kwartelstraat. Wij waren van De Kanaries. De spits van DOS , Dirk Lammers, woonde verderop in de straat, Louis van den Bogert, de stopper-spil, tegenover ons.

Keeper Frans de Munck, de Zwarte Panter, reed geregeld de straat in met zijn Mercedes, want die deed de verzekeringen van een aantal buren en kwam dan de premies innen. Frans de Munck z’n auto voor de deur… , dát was wat jongen.” Herman groeide op met passie voor voetbal. En voor DOS in het bijzonder. ,,We gingen bijna elke zondag, als ze thuis speelden. Soms was er geen geld. Dan ging ik met vriendjes uit de buurt. En een tangetje, om het gaas kapot te knippen en gratis naar binnen te glippen. Ik zat vorig jaar een keer op de tribune bij FC Utrecht, komt er een mannetje op me af die me nog kent van die tijd en die zegt: ‘Hé, Herman! Heb je je tangetje weer bij je?’ aldus Herman in een interview met ‘Rondom Voetbal’.

  Tonny van de Linden: De geel-zwarte Parel

De aller grootste vedette was spits Tonny van der Linden, die DOS in 1958 mede het lands kampioenschap bezorgde. Tonny een volksjongen uit Zuilen (U) en lid van Voorwaarts stapte  op zeventienjarige leeftijd over naar DOS en maakte op zijn negentiende zijn debuut. Het is dan 14 september 1952 als Tonny zijn eerste speelminuten in het eerste. Uit tegen RCH (1-3 winst) laat trainer Jaap van der Leck hem invallen. Vier en twintig was hij als international tegen Spanje. Een fenomenale tegenstander met grootheden als Kubala, Gento, Di Stefano en Suarez. Het werd in het Bernabeu Stadion 5-1. Hoewel hij weinig ruimte kreeg, pikte Tonny wel zijn goaltje mee. Van der Linden verbaasde zich over de mentaliteit binnen Oranje. Vooral de houding van de solistische doelman Frans de Munck viel hem zwaar tegen. Frans liet tegen de pers weten dat een andere speler, hij noemde de naam Frans Appels, als beter alternatief. Niet zo sympathiek want Frans en Frans speelden in de competitie samen bij Fortuna 54. Tonny speelde 24 wedstrijden voor Nederland een scoorde 17 keer.

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is image-69.png

Later werden Frans en Tonny ploeggenoten bij DOS, maar meer ook niet. Tonny werd geroemd om zijn fluwelen techniek, balvaardigheid, tactisch inzicht, schotkracht maar bovenal om het scoren. Dit was waarom voetballiefhebbers in grote aantallen naar Galgenwaard kwamen.

Andries Nagtegaal, rechtsback van DOS: “Onze  wedstrijdbesprekingen waren altijd in café Olympia aan de Amsterdamsestraatweg. Met je ingepakte voetbaltas ging je daarheen. Na de bespreking ging je met het openbaar vervoer –buslijn 3- naar het Stadion. Je zat als speler dan gewoon tussen de DOS- supporters die ook per bus naar Stadion Galgenwaard gingen. Raar eigenlijk als je dat nu bekijkt.”

Beelden van NOAD – DOS Utrecht deze eindigde op 4 juni 1958 in 3-3. Voor beide ploegen was het een essentiële wedstrijd. NOAD stelde met dit punt het Eredivisieschap veilig, maar DOS Utrecht mistte door het gelijke spel deze middag de kans om landskampioen te worden. De voorsprong van één punt op concurrent SC Enschede ging verloren en een beslissingwedstrijd (op 15 juni 1958 in de Nijmeegse Goffert) werd noodzakelijk. Scoreverloop: Frits Louer (1-0), Jacques Westphaal (1-1), Tonny van der Linden (1-2), Ruud de Chêne (2-2), Jacques Westphaal (2-3), Tini van Osch (3-3). Scheidsrechter Martens, toeschouwers: 20.000. Opstelling DOS Utrecht: Frans de Munck, Andries Nagtegaal, Jacques Westphaal, Martin Okhuysen, Henk Temming, Wim Visser, Gerrit Krommert, Louis van den Bogert, Dirk Lammers, Tonny van der Linden, Cor Luiten.

“Reizen naar uitwedstrijden ging per bus of per trein, trainingskampen bestonden nog niet. Ik ben voor het eerst twee dagen op trainingskamp geweest toen we de beslissingswedstrijd tegen SC Enschede in Nijmegen moesten spelen”.

Op 15 juni 1958 bereikte DOS de mooiste prijs uit haar historie. SC Enschede en DOS streden, in de Goffert, te Nijmegen, om het landskampioenschap. Daarnaast was het ook de ultieme prestigestrijd tussen Abe Lenstra en Tonny van der Linden. Na 109 bloedstollende minuten maakte de nummer 10 van DOS het enige doelpunt door de bal genadeloos hard achter SC Enschede-keeper Jan van de Wint te schieten. In de historische Polygoon beelden zien we een fragment van deze wedstrijd. SC Enschede en Lenstra, aan wie hij een hekel had, omdat de eigenzinnige Fries bij het Nederlands elftal de andere spelers geen succes gunde, waren verslagen. Van der Linden, de speler met de fluwelen techniek, was de held van Utrecht en een idool in heel Nederland.

De winnende goal van DOS door Ton van der Linden met nummer 10. Foto: Volksbuurtmuseum

Collega’s bij Oranje, zoals Coen Moulijn, “ Hij is de beste spits met wie ik ooit heb gespeeld” en Faas Wilkes “Ik heb hem aanbevolen bij Valencia” waren lyrisch. “  Ajax en Feijenoord maar ook Fiorentina trokken aan de bel. Tonny van der Linden hoorde de aanbiedingen aan maar tot een transfer kwam het niet’. Bij Ajax zei, onderhandelaar, Melchers “Het is een eer om voor Ajax te mogen voetballen”. “Maar voor die eer was ik niet gevoelig. Ik kon bij Ajax iets meer verdienen, maar daar laat ik mijn DOS niet voor in de steek”. “Ik durfde eigenlijk ook geen risico te nemen. We hadden het in Utrecht ook goed. Mijn vader had een loodgietersbedrijf en doordat ik destijds nogal bekend was, konden we de gaskachels niet aanslepen, omdat ik ze rondbracht”. ”Dat jaar verdiende ik precies vijfduizend gulden, inclusief kampioenspremie. De volgende dag ging ik naar DOS-voorzitter Willem Kernkamp. Er viel niet over te praten, mijn contract liep nog twee jaar door. Einde discussie. Daar heb ik me toen bij neergelegd. Achteraf misschien niet slim of naïef. Als ik naar Italië was gegaan, had ik nooit meer hoeven werken. Maar of je daar gelukkiger van wordt is maar de vraag”. Tonny van der Linden was een echte sportjongen. Hij was tafeltenniskampioen van Utrecht, speelde ook nog in het Utrechts honkbalteam en was een talentvolle biljarter. Na zeventien jaar DOS maakte hij gebruik van zijn transfervrije status en ging naar stadgenoot Elinkwijk. Bij zijn afscheid kreeg hij van DOS-voorzitter Kernkamp een enveloppe. Van der Linden ging ervan uit dat het een enveloppe met inhoud was, maar later bleek die leeg te zijn. Waarom Kernkamp op deze, ‘smakeloze wijze’ afscheid nam is gissen. In zijn nadagen bij Elinkwijk verdiende Tonny voor het eerst een redelijk salaris, meer dan hij ooit had verdiend bij topclub DOS.

Al dromend, kijkt hij terug op zijn carrière en ziet Tonny van der Linden de wedstrijd ,van 3e april 1960, voor ogen in een bomvol Olympisch Stadion in Amsterdam. Dit was zijn ultieme wedstrijd. In zijn tiende interland speelde hij de match Nederland – Bulgarije, het werd het een 4-2 overwinning en met drie goals was de Utrechter, de gevierde man.
Het was ook het debuut voor Humphrey Mijnals, speler van het Utrechtse Elinkwijk. De club uit het geboorte dorp van Tonny van der Linden, Zuilen.

Boven: Piet v d Kuil, Henk Groot, Tonny v d Linden, Kees Rijvers en Coen Moulijn. Onder: Bennie Muller, Frans de Munck, Roel Wiersma, Humphry Mijnals, Jan Klaassen en Kees Kuijs.


De erelijst van Tonny van der Linden – maker van het eerste doelpunt ooit in de eredivisie – is ongeëvenaard. Hij staat nog altijd op de vijfde plek, in de topscorerslijst aller tijden in de eredivisie. Met 208 doelpunten hoeft Van der Linden alleen Willy van der Kuylen (311), Ruud Geels (265), Johan Cruijff (215) en Kees Kist (212) voor zich te dulden op de All-Time ranglijst en werd 7 keer topscorer van DOS in de eredivisie. Tonny van der Linden, een beschaafd mens en fabelachtig speler is op 84 jarige leeftijd overleden in zijn woonplaats Vianen.

DOS Utrecht – PSV op zondag 25 februari 1962 werd 1-1. Nadat Wim Wolbers de Eindhovense ploeg voorsprong had gezet scoort Gerard Weber de gelijkmaker voor DOS Utrecht, Opstelling DOS Utrecht: Nico van Zoghel, Georgy Liptak, Jac Koole, Martin Ockhuijsen, Gerard van Wiggen, Wim Visser, Jan Nederhand, Janos Hanek, Tonny van der Linden, Bert Theunissen, Gerard Weber. De historische beelden van DOS Utrecht – PSV worden weergegeven zonder commentaar met dank aan de NTS/NOS.

Een jaar later op 7 april 1963 boekt DOS Utrecht een 2-0 overwining op Sparta Rotterdam. Doelpuntenmakers zijn Michel Kruin en Cor Luiten. Opstelling DOS Utrecht: Nico van Zoghel, Georgy Liptak, Miroslav Dacsev, Martin Okhuijsen, Jac Koole, Wim Visser, Michel Kruin, Jacques Westphaal, Tonny van der Linden, Cor Luiten, Gerard Weber. De beelden zonder commentaar worden weergegeven mat dank aan de NTS/NOS.

Zware tijden  

Eind jaren zestig hebben de drie Utrechtse clubs het moeilijk, zowel financieel als sportief. Velox speelt in de 2e divisie en Elinkwijk in de 1e divisie. Ook DOS houdt met moeite stand in de eredivisie. In 1964 was er het dodelijk ongeluk van het grote talent Ries van den Bogert, een broer van Joop en Louis allen 1e elftalspelers van DOS. Op 6 februari 1966 verliest DOS Utrecht thuis met 1-2 van Ajax. Tegen het eind van de wedstrijd denkt DOS Utrecht de gelijkmaker nog te hebben gescoord, maar scheidsrechter Gerard van Oostrom keurt het doelpunt af. Beelden uit het Eredivisiearchief. Scoreverloop: Frits Soetekouw (1-0), Wim Suurbier (2-0), Tonny van der Linden (2-1). Opstelling DOS Utrecht: Wim Ruitenbeek, Ed van Stijn, Boelie van Vulpen, Renze Veenstra, Eddy Achterberg, Leo Kühnen, Joop Rooders, Cees Loffeld, Henk Wery, Sietze de Vries, Tonny van der Linden.

In 1967 stopte vedette v. d. Linden en vertrok Eddy Achterberg naar FC Twente, en een jaar later kocht Feijenoord rechtsbuiten Henk Wery. Beroerder kon het niet. Tel daarbij op het ondermaatse aankoopbeleid en het degradatiespookje kijkt om de hoek. Maar in de laatste wedstrijd van het seizoen, in het voorjaar van 1970, wist de ooit landskampioen DOS, op het nippertje degradatie te voorkomen. Dit was meer dan belangrijk, want als DOS zou degraderen dan zou de fusie met Elinkwijk en Velox niet door gaan.

Deze laatste wedstrijd was ook nog tegen mededegradant GVAV. De wedstrijd werd in het Oosterpark gespeeld in Groningen. DOS vertrok een dag eerder naar Norg in de buurt van Groningen. Aangekomen in Norg bleek de jaarlijkse kermis in volle gang, precies voor het geboekte hotel. De spelers kregen ter ontspanning vrijaf om ’s avonds een bezoekje aan de kermis te brengen. De ideale voorbereiding bleek achteraf. DOS speelde een relaxte wedstrijd en door een knal van Leo van Veen winnen ‘de Kanaries’ met een 0-1. DOS blijft in de eredivisie en Utrecht viert feest en staat aan de vooravond van de fusieclub, FC Utrecht, daar waar Leo van Veen uiteindelijk 367 wedstrijden voor zal gaan spelen.

Mede onder druk van de gemeente, die de financiële tekorten niet meer wil aanvullen, komt de fusie met de drie clubs tot stand. De nieuwe club FC Utrecht, 1 juli 1970, neemt de plaats van DOS in, in de eredivisie. Stadion de Galgenwaard wordt de thuisbasis en DOS, Elinkwijk en Velox gaan terug naar de amateurs .  Vanaf toen klonk in het stadion het clublied van Herman Berkien en FC Utreg.